Introductie
Met het Paasakkoord voert de federale regering ingrijpende wijzigingen door in de regels rond de liquidatiereserve.
De bedoeling? Ondernemers sneller laten uitkeren, maar met een licht verhoogde belastingdruk.
In dit artikel leggen we je helder uit:
- Wat een liquidatiereserve precies is
- Wat er vanaf 2025 verandert
- Welke keuzes je hebt voor bestaande reserves
- Wanneer uitkeren het voordeligst is
🚨 Opgelet:
- De maatregelen zijn nog niet definitief. Ze moeten nog worden goedgekeurd door het parlement.
- Er kunnen dus nog wijzigingen volgen!
Hoe werkt de liquidatiereserve vandaag?
Een liquidatiereserve biedt vennootschappen de mogelijkheid om belaste winst apart te zetten om later als dividend uit te keren aan een lager belastingtarief.
Hoe werkt het?
- Je betaalt 10% extra belasting bij het aanleggen van de reserve.
- Na 5 jaar wachten kan je de reserve uitkeren tegen slechts 5% roerende voorheffing.
Dat betekent dat de totale belastingdruk op je dividend daalt naar 13,64% in plaats van de normale 30%.
Wat verandert er vanaf 2025?
Met het nieuwe regime wordt:
- De wachttermijn verkort: van 5 jaar naar 3 jaar.
- De roerende voorheffing verhoogd: van 5% naar 6,5%.
- Een keuzemogelijkheid ingevoerd voor bestaande reserves.
- Voor nieuwe reserves wordt de keuze beperkt: enkel 3 jaar en 6,5%.
We leggen de situatie hieronder stap voor stap uit:
Liquidatiereserves aangelegd vóór 1 januari 2026
Voor liquidatiereserves die vóór 2026 werden aangelegd, krijg je een keuzerecht:
💡 Astro tip:
Wil je sneller uitkeren? Dan kan dat vanaf 1 juli 2025 na 3 jaar, maar je betaalt dan een iets hogere belasting.
Liquidatiereserves aangelegd vanaf 1 januari 2026
Voor liquidatiereserves aangelegd vanaf 2026 zijn er geen keuzes meer:
- Wachttermijn: altijd 3 jaar.
- Roerende voorheffing: altijd 6,5% na 3 jaar.
- Te vroeg uitkeren? Dan betaal je het normale tarief van 30% roerende voorheffing.
Wat als je te vroeg uitkeert?
Keer je een nieuwe liquidatiereserve uit vóór het einde van de 3-jarige wachttermijn? Dan betaal je:
- 10% anticipatieve heffing bij aanleg
- 30% roerende voorheffing bij uitkering
- Samen zorgt dat voor een effectieve belastingdruk van 36,36%!
Een voorbeeld maakt dat snel duidelijk:
- Stel: je vennootschap boekt in 2026 een liquidatiereserve van €10.000.
- Bij de aanleg betaal je 10% anticipatieve heffing: dat is €1.000.
- Bij de te vroege uitkering (vóór de 3-jarige wachttermijn) betaal je daarbovenop 30% roerende voorheffing: dat is €3.000.
- In totaal betaal je dus €4.000 belastingen (anticipatieve heffing + roerende voorheffing) op een totaalbedrag van €11.000 (de reserve plus de betaalde heffing).
- Je netto-opbrengst bedraagt €7.000 (€10.000 - €3.000 roerende voorheffing)
💡De effectieve belastingdruk komt zo uit op (€4.000 ÷ €11.000) × 100 = 36,36%.
💡 Astro tip: Een te vroege uitkering van je liquidatiereserve zorgt voor een veel hogere belastingdruk. Wacht dus bij voorkeur de volledige 3 jaar af, tenzij je echt dringend extra middelen nodig hebt.
Praktisch overzicht liquidatiereserves per boekjaar
Wil je weten wanneer je bestaande liquidatiereserve het voordeligst kan worden uitgekeerd?
Hieronder vind je het volledige overzicht voor vennootschappen met een boekjaar dat het kalenderjaar volgt:
💡 Astro tip:
Bekijk samen met je accountant of het voor jou interessant is om uit te keren.
Nu uitkeren aan 6,5% of wachten op 5%?
In veel gevallen is het fiscaal voordeliger om de volledige vijfjarige wachttermijn uit te zitten en te genieten van de roerende voorheffing van 5%.
Maar soms is sneller uitkeren — en dus een hogere belasting van 6,5% aanvaarden — toch de juiste keuze.
Sneller uitkeren kan interessant zijn in deze situaties:
- Je hebt dringend privé kapitaal nodig, bijvoorbeeld voor de aankoop van een woning of een ander vastgoedproject.
- Er is een geplande overname of herstructurering, waarbij het fiscaal aangewezen is om overtollige liquiditeiten vóór de operatie uit de vennootschap te halen.
- Je wil persoonlijke schulden bij je vennootschap sneller aflossen, om bijkomende intresten te vermijden.
In deze gevallen kan het nuttig zijn om niet te wachten op het absolute minimumtarief, maar eerder te kiezen voor een versnelde dividenduitkering, zelfs tegen een iets hogere belastingdruk.
💡 Astro tip: Twijfel je of een versnelde uitkering interessant is? Laat je situatie grondig analyseren door je accountant bij Astro. Soms loont wachten, maar soms is het verstandig om eerder te beschikken over de beschikbare middelen.
Conclusie
De nieuwe regels rond de liquidatiereserve zorgen vanaf 2025 voor meer flexibiliteit, maar ook voor een lichte verhoging van de belastingdruk.
- Voor bestaande reserves krijg je de keuze: sneller uitkeren na drie jaar tegen 6,5% roerende voorheffing, of wachten tot vijf jaar om slechts 5% roerende voorheffing te betalen.
- Voor nieuwe reserves aangelegd vanaf 2026 bestaat deze keuze niet meer: uitkeren kan pas na drie jaar tegen 6,5%, en wie te vroeg uitkeert, wordt geconfronteerd met een zware belasting van 36,36%.
In veel gevallen blijft wachten op de vijfjarige termijn het meest voordelig. Toch kunnen er omstandigheden zijn waarin een versnelde uitkering zinvol is, bijvoorbeeld bij dringende privébehoeften, een geplande herstructurering of het aflossen van persoonlijke schulden.
👉 Heb je vragen over jouw situatie?
Neem zeker contact op met je accountant bij Astro voor een gepersonaliseerd advies en de beste fiscale strategie!
Ontdek Astro
Superduidelijk advies in mensentaal
Reageert razendsnel op je al je vragen via whats-app of email
Vaste prijs en eerlijke prijs